Taakstraf voor VvE-beheerder na verduistering van bijna € 350.000: hoe kon dit zo misgaan?
De zaak rond de voormalige VvE-beheerder uit Wateringen en Hazerswoude-Rijndijk houdt de VvE-wereld al weken bezig. Niet alleen vanwege de omvang van het bedrag dat is verduisterd, maar vooral omdat het zo herkenbaar blootlegt waar het in de praktijk mis kan gaan. Op 20 januari 2026 deed de rechter uitspraak: een taakstraf van 240 uur en een voorwaardelijke celstraf van twaalf maanden.
De motivatie van de rechter viel daarbij op. Een onvoorwaardelijke gevangenisstraf zou het terugbetalen van het geld juist in de weg staan. Vanuit de cel kan iemand niet werken, geen inkomen verdienen en dus ook geen schade vergoeden. Voor de gedupeerde VvE’s woog dat zwaar mee.
Wat er in deze zaak is vastgesteld
De berichtgeving van onder andere het AD en De Telegraaf schetst een goed beeld van wat er in deze zaak is gebeurd. De beheerder beheerde de financiën van tientallen VvE’s en kon betalingen uitvoeren doordat hij als enige gemachtigde of met ruime bankvolmachten werkte. Dat betekende in de praktijk dat er geen directe controle was op de geldstromen.
Volgens het Openbaar Ministerie verduisterde hij tussen juli 2020 en december 2022 in totaal bijna 350.000 euro. De bedragen liepen per VvE uiteen van relatief klein tot tienduizenden euro’s. Het geld werd gebruikt om een gokverslaving te financieren. De fraude kwam aan het licht nadat een bankmedewerker een verdachte transactie signaleerde en nader onderzoek deed.
Tijdens de rechtszaak werd duidelijk dat de gevolgen voor sommige VvE’s groot waren. Reserves bleken verdwenen, onderhoud en verduurzaming moesten worden uitgesteld en in enkele gevallen dreigden zelfs gemeentelijke dwangsommen omdat geplande werkzaamheden niet meer konden worden betaald.
Waarom deze uitspraak ongemakkelijk voelt
De straf kan gemengde gevoelens oproepen. Aan de ene kant is het goed te volgen dat terugbetalen voor de rechter zwaarder woog dan opsluiten. Tegelijkertijd ligt het voor de hand dat een taakstraf bij dit soort bedragen voor betrokkenen wrang kan aanvoelen. Zeker omdat VvE-geld vaak spaargeld is van bewoners, bedoeld voor groot onderhoud of verduurzaming.
Wat deze zaak vooral duidelijk maakt, is dat het hier niet gaat om een ‘slimme fraudeconstructie’, maar om een opeenstapeling van te veel vertrouwen en te weinig controle. Dat maakt het confronterend. Want dit soort situaties ontstaan niet alleen bij malafide beheerders, maar juist in omgevingen waar mensen het goed willen regelen en het elkaar gunnen.
Wat zegt deze zaak over de kwetsbaarheid van VvE’s?
Deze zaak laat zien hoe kwetsbaar VvE’s kunnen zijn wanneer financiële processen sterk leunen op vertrouwen en gemak. Niet omdat bestuurders hun verantwoordelijkheid niet serieus nemen, maar omdat dagelijkse keuzes – snelheid, efficiëntie en het uitbesteden aan een professional – ongemerkt kunnen leiden tot situaties waarin controle ontbreekt.
Juist daar zit de belangrijkste les. Niet iedere VvE kan of hoeft alles zelf te doen, maar het is wel nodig om een aantal basisafspraken zo in te richten dat misbruik minder kans krijgt en afwijkingen sneller zichtbaar worden. De onderstaande aandachtspunten komen in de praktijk vaak terug als manieren om dat risico te verkleinen.
1. Vier-ogenprincipe bij betalingen
Bij grote betalingen is het verstandig dat deze niet door één persoon alleen kunnen worden uitgevoerd. Dit kan door een drempelbedrag af te spreken waarboven altijd twee goedkeuringen nodig zijn, bijvoorbeeld van een bestuurslid en de beheerder.
2. Bestuur houdt zelf banktoegang
In de praktijk blijkt het verstandig dat minimaal één, maar liever twee bestuursleden zelf toegang hebben tot de bankrekening van de VvE. Niet via de beheerder, maar rechtstreeks. Dat maakt meekijken normaal en verlaagt de drempel om vragen te stellen.
3. Beperk en evalueer volmachten
Volmachten hoeven niet onbeperkt en voor onbepaalde tijd te zijn. Spreek af welke handelingen een beheerder mag uitvoeren en herzie die afspraken periodiek. Bijvoorbeeld jaarlijks, of bij wisseling van bestuur.
4. Controle is iets anders dan wantrouwen
Maandelijkse rapportages zijn alleen zinvol als ze ook daadwerkelijk worden bekeken. Dat hoeft niet ingewikkeld te zijn. Een eenvoudige steekproef, waarbij bankafschriften worden vergeleken met facturen, kan al veel inzicht geven.
5. Denk vooraf na over wat je doet bij twijfel
Wat gebeurt er als er een onverklaarbare betaling opduikt? Wie neemt contact op met de bank? Wie kan een volmacht intrekken? Door dit vooraf te bespreken, voorkom je verlamming op het moment dat snelheid juist belangrijk is.
Wat deze zaak zichtbaar maakt
Deze zaak laat zien hoe kwetsbaar VvE’s kunnen zijn als financiële processen niet goed zijn ingericht. Niet omdat bestuurders hun werk niet serieus nemen, maar omdat zij vaak vrijwilligers zijn die opereren in een professionele financiële omgeving.
Vertrouwen blijft nodig in de samenwerking met een beheerder. Maar georganiseerd vertrouwen, met heldere controles en afspraken, is geen luxe. Het is een noodzakelijke randvoorwaarde om dit soort situaties zo klein mogelijk te houden.
Reacties
0 reacties